Over mij

Dit blog is geschreven door een tuin. Een kleine wilde natuurlijke tuin. In dit blog schrijft die tuin over alles wat hij mee maakt. Ook zul je in dit blog de belevenissen van de eigenaresse van deze tuin aantreffen. Haar naam is Jane. De tuin is haar paradijsje: Jane's paradijsje.

Het doel van dit blog is om kennis over te dragen, ervaringen te delen en iedereen die het leest enthousiast te maken
om ook op een natuurlijke manier met planten en dieren in je tuin om te gaan.

Het paradijsje van Jane: De enige tuin die zijn eigen blog heeft.

Posts tonen met het label klimplanten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label klimplanten. Alle posts tonen

zaterdag 13 december 2014

Plant #7: De klimop (Hedera)

Mijn tuinvrouwtje Jane houdt veel van klimplanten. De wilde woeste natuurlijke groeiwijze van dit soort planten, vindt Jane leuk om te zien. Deze planten passen natuurlijk ook wel bij een wilde natuurlijke tuin zoals ik ben. Dus met klimplanten maak je ons allebei blij. Nu is er 1 probleem bij klimplanten, want zij willen graag ergens tegenaan klimmen. In de natuur groeien ze tegen bomen op, maar ik ben te klein voor grote bomen. Verder heb je allerlei klimattributen zoals bijvoorbeeld een pergola, maar dat werkt allemaal niet echt in een kleine tuin, zoals ik ben. Natuurlijk kun je ze tegen je huis op laten groeien, maar bij een huurhuis is dat beter van niet. Tenslotte is het niet jouw huis en kan de werkelijke huiseigenaar wel eens niet zo blij zijn met jouw klimplanten die beslist lastig zijn als je ramen of deuren wilt schilderen of vervangen. Er kan dan wel eens niet zo zachtzinnig met je planten omgegaan worden. En soms wil zo'n eigenaar onderhoud aan het huis plegen, bijvoorbeeld nieuwe voegen laten zetten, waarbij je prachtige klimplant, die net zo mooi het dak heeft bereikt, weer helemaal verwijderd moet worden. Geen goed idee dus. Schuttingen zijn er ook uitstekend geschikt voor. Maar als je geen vrijstaand huis hebt, dan heb je wel met buren te maken. En buren houden niet altijd van jouw prachtige klimplanten. Daar weten wij alles van. Omdat Jane niet zo van gluren naar de buren houdt, heeft zij aan alle kanten schuttingen geplaatst. En tegen bijna al die schuttingen heeft ze klimplanten gezet. Een boomwurger, twee wingerds, een kamperfoelie, een winterjasmijn, drie vuurdoorns, een klimhortensia, een druif, een framboos, een braam, een kiwi en vijf klimopplanten zijn er bij mij geplaatst. Helaas zijn er, door problemen met de buren, alweer diverse klimplanten verdwenen (zie het artikel over de kamperfoelie hier op mijn blog). Nee, wees maar niet bang, ik beloof je dat ik dit artikel niet weer ga volschrijven over ellende met de buren. Dus lees gerust verder.

De schutting aan de achterkant van mij staat de hele dag in de schaduw, dus Jane moest daar wel klimplanten plaatsen die van schaduw houden. Gelukkig zijn er klimplanten voor alle kanten van je tuin, want je hebt klimplanten die beslist in de zon moeten staan, maar ook klimplanten die het prima doen in de schaduw. Daarnaast staat de schutting achter een struiken-border waardoor de klimplanten niet makkelijk bereikbaar zijn. Die klimplanten moesten dus weinig onderhoud nodig hebben. Ook de planten helpen met tegen die schutting opklimmen, is op die plek eigenlijk niet echt mogelijk. Gelukkig hebben klimplanten allemaal een andere manier van klimmen. Er zijn klimplanten die inderdaad een klimhulp nodig hebben en regelmatig moeten worden vastgebonden met touw of ijzerdraad. Andere klimplanten slingeren zich ergens omheen en weer anderen hebben stekels of ranken waarmee ze zich ergens aan vastklampen. Maar er zijn ook klimplanten die zuignapjes hebben waarmee ze zich vanzelf vastklemmen. En dat laatste is natuurlijk handig als je er zelf niet bij kan om de planten met klimmen te helpen. Verder staat er bij mij dus een haag van struiken voor deze achter-schutting. En die struiken zijn in de zomer zo dichtbegroeid dat je die klimplanten niet eens meer ziet. Dus het heeft geen nut om daar klimplanten te plaatsen die in de zomer mooi zijn, want je ziet er toch niets van. In de winter zijn deze struiken kaal en dan zie je de klimplanten erachter juist heel goed, dus moesten het klimplanten worden die mooi en/of groenblijvend zijn in de winter.

En toen kwamen we uit op de klimop. Volgens de verhalen op internet doen deze planten het goed in de schaduw, hebben ze zuignapjes waarmee ze zich aan de schutting hechten en hebben ze eigenlijk niet echt veel onderhoud nodig. Verder zijn ze groenblijvend en verkrijgbaar in diverse soorten met allerlei vormen bladeren die groot of klein kunnen zijn. Ook kun je meerdere bonte soorten verkrijgen, met bladeren die behalve groen ook geel of wit zijn. Er is keus genoeg. Dus klimop moest het worden. Jane zag het al helemaal voor zich dat ze, 's winters als de struiken kaal zijn, zou kunnen genieten van een mooie groene wand. Klimop is ook een goede slaap en schuilplek voor veel vogels en diverse vogels zoals de heggenmus, winterkoning en de merel nestelen graag in klimop. En klimop bloeit in de herfst (september tot december) en is dan een bron van nectar en stuifmeel voor de dan nog aanwezige insecten. Na de bloei krijgt klimop zwarte bessen die in de winter en het voorjaar weer graag worden gegeten door allerlei vogels zoals merels, spreeuwen en houtduiven. Dus als de struiken kaal worden, kun je genieten van groene klimplanten tegen je schutting met daarin eerst bloemen en later bessen. En je doet ook nog iets voor de insecten en vogels. Kan het nog mooier? Enthousiast werden er dus klimopplanten gekocht en geplant.

En nu maar afwachten tot de schutting mooi helemaal begroeid is en er bloemen en bessen komen. En tot er vogels in gaan schuilen of zelfs wel nestelen. Wat een feest zal dat zijn. Dus Jane ging wachten en wachten. Klimop groeit snel, wordt er op internet geschreven. Maar bij ons hadden ze niet zo zin om te groeien. Dus Jane maar wachten en wachten. Jaren gingen voorbij. Elke winter als de struiken kaal werden, verwachtte Jane nu eindelijk eens een groene muur te zien met bloemen en bessen. Maar niets van dat al. Hier en daar kwam wel een takje omhoog gekropen tegen die schutting aan, maar veel stelde het niet voor. Dus Jane begon zich toch wel wat zorgen te maken. Misschien hebben ze toch wat mest nodig? Dus Jane moeilijk doen om tussen die struiken door toch bij die klimplanten te komen om koemestkorrels te strooien. Had het effect? Nee! De winter daarop was de schutting nog steeds kaal met wat zielige plantjes aan de voet ervan en wat karige takjes die naar boven kropen. Misschien moeten ze kalk hebben? Jane weer worstelen tussen die struiken om de klimplanten kalk te geven. Gingen ze dan nu eindelijk eens groeien? Werd de schutting nu groen? Nee! Wat doen we toch verkeerd? Kijk, dit zijn de klimopplanten die Jane gekozen heeft.


HEDERA HELIX "GOLDCHILD"
Een klimop met kleine bladeren die donkergroen zijn met een helder gele rand.

Zo hoort hij eruit te zien (plaatje van internet)
En zo ziet hij er bij mij uit. 1 Zielig klein takje is er over en het geel is weg.


HEDERA COL. "DENTATA VARIEGATA"
Een klimop met grote bladeren die donkergroen zijn met een lichtgroene rand.

Zo hoort hij eruit te zien (plaatje van internet)
En zo ziet hij er bij mij uit. Een paar takjes en weinig lichtgroen op de blaadjes te zien.


HEDERA HELIX "KOLIBRI"
Een klimop met kleine bladeren die groen zijn met witte vlekken.

Zo hoort hij eruit te zien (plaatje van internet)
En zo ziet hij er bij mij uit. Zielig!


HEDERA HIBERNICA
Een klimop met grote glanzende groene bladeren.

Zo hoort hij eruit te zien (plaatje van internet)
En zo ziet hij er bij mij uit. Wat er nog van over is.


HET ONBEKENDE KLIMOPPLANTJE:
Verder groeide er ook nog een wild soort klimopje in de voortuin en deze is ook naar achteren tegen de schutting aan verplaatst. Maar welke soort dit is? Geen idee. Hij is in elk geval groen met kleine bladeren.

Het onbekende klimopplantje bij mij. Wat blaadjes verstopt onder de vuurdoorn.


Wat is er toch met mijn klimopplanten aan de hand. Ze zouden heel mooi kunnen zijn als je zo kijkt naar de plaatjes van internet, maar bij mij is het niets. Wij begrepen er niets van. Maar een blik naar de andere kant van de schutting zorgde voor opheldering van dit raadsel. Want klimop doet het, volgens de berichten op internet en de praatjes van de tuinplantenverkopers prima in de schaduw. En dat zal best wel waar zijn. Maar blijkbaar vinden ze groeien in de zon toch echt wel wat fijner. Want alle klimopplanten waren gewoon door de schutting heen gekropen en daar aan de andere kant lekker gaan groeien. Aan de andere kant van de schutting was dus een mooie groene muur ontstaan. Aan de andere kant van de schutting, waar de hele dag de zon op schijnt. Tja, planten willen nou nooit eens een keertje doen wat wij willen. Altijd zijn ze eigenwijs en doen juist datgene wat we niet willen. We kunnen dus wachten tot we een ons wegen, maar een mooie groene muur aan onze kant van de schutting zit er niet in. En ook geen vogels die bij ons in de klimop komen nestelen dus.

Weet je nog dat ik hierboven heb beloofd dat ik niets zou gaan schrijven over mijn buren. Nou......, ik heb gelogen. Want ik moet toch echt nog even hier wat roddelen over mijn buren. Een mooie groene wand aan de andere kant van de achter-schutting, hoe moet dat aflopen? Want de buurvrouw aan de ene kant van mij werd al hysterisch van een paar takjes die over de schutting hingen. Een schutting die ook nog eens gewoon op mijn eigen terrein staat. Ze begon een complete oorlog en gooide alle wapens in de strijd die ze had en op den duur moesten alle klimplanten van deze schutting verwijderd worden. Hoe zal de achterbuurvrouw dan wel reageren als de schutting aan haar kant helemaal van top tot teen begroeid is met klimopplanten? Een schutting die gewoon op de erfgrens staat. Oke, er staat een grote schuur in de lengte achter de schutting die onze schutting compleet afdekt zodat de buurvrouw er eigenlijk niets van ziet en er ook geen last van kan hebben (behalve dan als ze de schuur onderhoud willen geven en op dat paadje tussen schuur en schutting moeten zijn), maar die situatie is precies hetzelfde bij de buurvrouw aan de zijkant en zij schreeuwde moord en brand. Dus Jane heeft toch maar eens voorzichtig aan de achterbuurvrouw gevraagd of ze misschien de achterkant van de schutting moest komen snoeien? Maar nee hoor, dat hoefde niet. Deze buurvrouw vond het helemaal niet erg, want zij vindt planten leuk en we zien het toch niet en als we er last van hebben, dan halen we het zelf wel weg. En natuurlijk gooien zij het dan niet over de schutting zoals de buurvrouw naast mij wel altijd deed. Nou, dat is nog eens een heel verschil met wat we gewend zijn. Zie je wel, het kan dus wel, normaal doen en gewoon met elkaar communiceren. Gelukkig zijn er hier ook nog beschaafde mensen waar mee te leven valt.

Maar ja, ondertussen zitten wij nu wel gewoon tegen een kale schutting aan te kijken. Die mooie groene wand met bloemen en bessen en nestelende vogels kunnen we op onze buik schrijven. Het wil nou nooit eens gaan zoals we bedacht hebben. Zucht.

Dat was het weer voor deze keer. De volgende keer gaat mijn artikel over schoonheid. De winter komt eraan en dan moet je echt iets doen aan je verzorging als je er in het voorjaar nog mooi uit wil zien en dan kun je dus het beste....................maar dat vertel ik je de volgende keer.

(Elke zaterdag om 17.00 uur komt er een artikel online.)

Groetjes van het paradijsje van Jane.


Trouwens, (sarcasme mode aan) heb je een sterk persoon in je kennissenkring, iemand die in zijn eentje een schutting van drie schuttingdelen kan optillen en om kan draaien met planten erop en al zodat de klimop planten weer mooi aan mijn kant van de schutting staan en we eindelijk kunnen genieten van een groene muur, schrijf dan even een berichtje, want dan zou die Jane heel blij maken (sarcasme mode uit).


Update vis:
Alles gaat heel goed met de twee kleine baby-visjes. Ze zwemmen rondjes in de kom en eten veel en groeien als kool. Maar Jane laat ze voorlopig toch nog maar in die kom zitten en stopt ze nog maar niet bij hun ouders. Want aan die kannibalen vertrouwt Jane de kinderen niet meer toe. Het is toch wat, je eigen kinderen opeten. Wie doet dat nu?

zaterdag 2 augustus 2014

Plant #1: De kamperfoelie (Lonicera Henryi)

Zoals ik al eerder geschreven heb, ben ik een wilde tuin. Toen mijn eigenaresse Jane hier kwam wonen, was de plek waar ik ontstaan ben niets meer dan een kale vlakte. Jane kreeg de eerste dag dat ze hier woonde al van diverse buren dringende adviezen over wat ze allemaal met mijn grote zus, de voortuin, moest gaan doen. Want die was, volgens die buren, toch zo verwaarloosd. Het was duidelijk dat de buren het liefst wilden dat Jane mij en mijn zus net zo zouden inrichten als dat hun eigen tuinen eruit zien. Omdat Jane iets anders van plan was met mij, heeft ze als eerste een schutting om mij heen laten bouwen. Er was eerst nog strijd, want de buurvrouw aan de ene kant van mij wilde geen schutting op de erfgrens, dus die schutting kwam tenslotte op mijn eigen terrein te staan waardoor ik wel een stukje kleiner werd dan ik oorspronkelijk ben. Maar Jane wilde geen ruzie met haar buren, dus vooruit dan maar. Die schutting was natuurlijk te kaal voor Jane, dus daar moesten klimplanten tegen aan komen. Jane heeft toen een boomwurger, een wingerd en een kamperfoelie tegen die ene schutting, die op mijn eigen terrein staat, aan geplaatst .

Deze drie planten gingen door de goede zorg van Jane al snel enorm groeien. In de herfst zagen ze er met hun drieën geweldig mooi uit. De boomwurger werd geel en kreeg prachtige geel/rode vruchten. De wingerd werd schitterend rood. En de kamperfoelie bleef de hele winter groen en zat vol blauwe bessen. Helaas gingen de planten ook door en over de schutting groeien en dat vond buurvrouw helemaal niet leuk. Dat paste natuurlijk niet bij haar “nette” tuin. In principe kon ze niets zeggen over deze planten omdat de schutting op mijn eigen terrein staat en niet op de erfgrens, maar Jane wilde geen ruzie dus toen zij erachter kwam dat haar buurvrouw niet blij was, is zij netjes alles aan de achterkant van de schutting komen weg snoeien. Vervolgens maakten Jane en buurvrouw samen de afspraak dat de buurvrouw het direct zou zeggen als ze weer “last” kreeg van mijn klimplanten want dan zou Jane weer komen snoeien. De planten groeiden en groeiden, maar buurvrouw zei niets meer en Jane dacht dat het allemaal goed was. Maar dat was het niet! Want wat buurvrouw echt wilde, waren geen gesnoeide planten aan de andere kant van “haar” schutting, zij wilde eigenlijk helemaal geen planten. En liever nog wilde zij gewoon dat die hele schutting zou verdwijnen. Maar ja, dat kon zij natuurlijk niet zeggen.

Dus buurvrouw zei niets tegen Jane, maar klaagde zo vaak en zo luid bij de mensen die bij haar op bezoek kwamen dat tenslotte iemand het gezeur zat was en de snoeischaar oppakte en alle klimplanten van ons kapot knipte. Niet alleen wat aan de andere kant groeide, maar ook alles erop en erdoor heen en zelfs een deel van wat er aan onze kant groeide werd fanatiek weggeknipt en weggetrokken. En alles werd over de schutting over mij heen gesmeten. Ik lag vol met kapot geknipte plantendelen. Toen Jane thuis kwam en die ravage bij mij zag, was ze erg overstuur. Die Jane, dat is toch ook zo’n rare, wie gaat er nu huilen om een paar kapot geknipte planten? Nou, Jane dus. Ik vond het wel zielig voor haar hoor. Ze had zoveel werk verricht om die schutting mooi te maken. En nu was haar werk verknoeid. Tja, daar mag je ook wel een beetje verdrietig over worden toch?

Vervolgens werd er opnieuw een afspraak gemaakt. Dit keer met een mijnheer van de woningbouwvereniging als tussenpersoon, want met buurvrouw was niet meer te praten. Drie keer per jaar op van te voren afgesproken tijdstippen zou Jane alle planten aan de andere kant van onze schutting bij buurvrouw in de tuin komen snoeien. Jane had zelf die mijnheer van de woningbouw erbij gehaald en dit was Jane's eigen voorstel, dus zij was er blij mee, daarom hield Jane zich trouw aan deze afspraak. Jammer genoeg hield de wingerd niet van al die snoeibeurten, hij werd zelfs niet meer mooi rood in de herfst. Dus Jane heeft hem met pijn in haar hart weggehaald, maar al die vergeelde blaadjes die er afvielen en al die treurig slap hangende takjes na zo’n snoeibeurt, dat was ook niets. 

Buurvrouw was nog niet tevreden, drie keer per jaar snoeien was niet genoeg voor haar. Maar iets zeggen tegen Jane deed ze ook niet. Dus weer werd er een aanval op die laatste twee klimplanten ondernomen. Weer vond Jane los plantenmateriaal aan haar kant van de schutting. Nu had buurvrouw er zelfs haar eigen onkruid bij gedaan. Want volgens buurvrouw kwam dit ook allemaal bij mij vandaan. Dit keer was het einde oefening voor de boomwurger die al dat geweld niet meer kon verdragen en ook deze moest door Jane worden verwijderd. Vervolgens wilde  buurvrouw zich opeens niet meer aan de afspraak houden, Jane mocht niet meer komen snoeien aan haar kant van onze schutting. Buurvrouw wilde haar niet meer in haar tuin hebben omdat ze een vreemde is. Tja, Jane is natuurlijk wel een beetje vreemd. Vreemd, maar wel lief hoor.
 
Mijn prachtige kamperfoelie in de bloei.
En toen was er nog maar 1 klimplant overgebleven. Die kamperfoelie, die ondertussen uitgegroeid was tot een enorme bol aan onze kant van de schutting. Maar nu hij niet meer gesnoeid werd aan de andere kant van de schutting, begon hij daar ook flink uit te groeien. En dat buurvrouw dat niet wil, was ondertussen wel tot ons doorgedrongen. Gewoon laten groeien was dus geen goed idee, want dat dat niet goed ging komen was wel duidelijk. Vervolgens heeft Jane er dan maar buurtbemiddeling bijgehaald. Maar buurvrouw wilde geen gesprek met zijn allen om de tafel. Er was nu geen enkele oplossing meer over dan de laatste klimplant, die prachtige kamperfoelie, ook maar te verwijderen. Anders was de kans zeer groot, dat deze ook in stukken gesneden door de hele tuin terug gevonden zou worden. En dat heeft Jane nu al twee keer meegemaakt en wilde zij niet nog eens mee maken. Niets zo treurig dan de planten, waar je zoveel liefde in hebt gestopt, kapot en in stukken geknipt overal in je tuin verspreid terug te vinden. Dat begrijp ik zelfs, en ik ben maar een tuin.

Een bijna uitgebloeide bloem.
Dus hierbij een laatste groet aan onze prachtige kamperfoelie. Wij zullen nooit meer in de zomer je mooie oranjeachtige bloemen zien. Bloemen die druk bezocht werden door ontelbare bijtjes. Bloemen die heerlijk ruiken, al doen ze dat dan ook alleen maar ’s nachts, waardoor er dan vele nachtvlinders om heen vliegen. Nooit meer zullen we kunnen genieten van je leuke besjes die je krijgt na de bloei. Besjes die in de herfst lichtblauw verkleuren. 

Besjes, die in de herfst blauw worden.
Nooit meer kunnen we zien hoe jij, het hele jaar door  groen, toch in de herfst je oudste bladeren vervangt. Bladeren die eerst nog heldergeel worden voor ze afvallen. En helaas zal het merelvrouwtje volgende lente haar nestje niet meer kunnen maken in deze dichtbegroeide kamperfoelie, die zo’n mooie plek voor haar was om veilig in te nestelen en waarin ze al een keer eerder een nestje had gemaakt. Vaarwel Lonicera Henryi, we hebben van je genoten en we zullen je zeker heel erg missen.
   

Groenblijvende bladeren. (Slakken eten er niet van.)






Na een regenbui.






 



Dat was het verhaal van vandaag. De volgende keer ga ik jullie iets vertellen over tuinbeelden. Tuinbeelden? In een natuurlijke tuin? Wat is dat voor onzin, zul je wellicht denken. Maar Jane vindt...................tja, dat vertel ik jullie volgende keer.

(Elke zaterdag om 17.00 uur komt er een artikel online.)

Groetjes van het paradijsje van Jane.


Trouwens, mochten er lezers zijn die tips hebben hoe je een kale schutting kunt verfraaien, het liefst met iets wilds en/of natuurlijks of misschien met iets dat dieren aantrekt, schrijf dat dan even in een berichtje. Niet met klimplanten dus, want het is duidelijk dat dat geen optie meer is. Misschien als mijn schutting weer wat minder kaal is, dat Jane dit alles kan vergeten. Een beetje troost kan ze nu wel gebruiken, vinden jullie ook niet?


Update merel:
Merelkereltje komt nog steeds elke dag bij ons op bezoek. Hij is vaker en langer aanwezig dan ooit. Hij zit soms urenlang verstopt in mijn struiken, gewoon niets te doen. Hij voelt zich niet zo lekker, denk ik, want hij is nu volop in de rui. Hij ziet er niet uit. Zijn lijfje is erg warrig en overal vinden we zijn uitgevallen veren. Hij is ook schuwer dan eerst. Rustig blijven zitten zodat Jane een foto kan maken, dat wil hij niet meer. Ja, als je er zo slecht uit ziet, zou ik ook niet willen dat ze een foto van mij zouden maken. Arm kereltje. Ik hoop dat hij snel klaar is met ruien.

Mereltje vlucht weg, want hij wil niet op de foto.